Luisteren – zaterdag 28 maart 2020

28 maart, zaterdag, 9.00 uur.

Ik sta op met een boodschap van Eckhart Tolle. Een filmpje van mijn NIVOZ-collega Suzanne Niemeijer dat ze een paar dagen eerder als eens op Facebook heeft gepost. Ik ben 5 minuten wakker en ik luister.

https://www.youtube.com/watch?v=wKpmXhGVMxI

Zijn woorden resoneren, ik voel mezelf met mijn lichaam samenvallen. In this precious moment there’s nothing to fear. Zijn meditatie leidt me naar de rotsen waarop het huis is gebouwd. Het huis ben jij, de rotsen is het fundament waarop het is gebouwd. When fluts come, when the wind smashes from the outside, this house won’t collapse. Het is een parabel uit de bijbel, het nieuwe testament. Een huis gebouwd op zand of op rotsen. That makes a difference. En Tolle, van wie ik denk ik 15 jaar terug het boek Hier en Nu heb gelezen, spreekt op zijn neutrale, doch gewichtige toon. Dit is belangrijk.

Ik lig in mijn bed en voel mijn zelf. Mijn innerlijke staat, er volgen gedachten die er zijn omtrent posts op facebook, LinkedIn. Mijn posts, die ik de voorbije week ook heb geplaatst. Artikelen, filmpjes en andere zaken die mij inspireerden en waarvan ik het idee had dat ze mogelijk ook voor anderen iets doen beseffen, openen, in beweging brengen. Die filmpjes gaan over mij, weet ik. In hoe het voor mij is. En ze ondersteunen me.

Becoming awake, zo noemt Tolle het in zijn eigen filmpje. En het zijn de woorden die ook Stef gebruikt als we woensdagavond onze afsluitende meeting hebben van de Pachamama Alliance Game Intensive, onze online bijeenkomsten in de voorbije negen weken. ‘Je bent wakkerder geworden, Rob.’

Ik laat de woorden op me inwerken. En besef dat de vermoeidheid die me eerder al maanden eigen was, inderdaad is verdwenen. En Stef bedoelt het natuurlijk niet zo, weet ik. Hij refereert eerder aan een wakkere staat, een open houding, een human presence. Het begrip dat zo centraal stond in deze Intensive. Ecological sustainable, social just, spiritual fullfilling human presence. Daar ging het om. En ik besef dat er in de voorbije negen weken iets is verschoven in me.

We spreken wekelijks met elkaar en ik hoor Stef nu zeggen dat hij ‘eruit’ is, uit de Intensive, dat hij door de zorgen rondom zijn moeder en zichzelf de voorbije week opnieuw geen teksten of filmpjes heeft kunnen bekijken, dat hij er niets aan heeft ‘gedaan’. Ik ook niet, besef ik, maar toch voel ik dat ik er helemaal in zit, als nooit tevoren. De Gamechanger Intensive is all over me. Shift happens. En het gaat over moeder aarde, de relatie die ik tot mezelf, de ander en de wereld heb.

Lisette Bastiaansen – met wie ik gisteren een podcast heb opgenomen over de gevolgen van het coronavirus voor het onderwijs, over de pedagogische vragen die er zijn nu er op afstand wordt gewerkt en geleefd – haalt dezelfde woorden tevoorschijn. Het is een tijd waarin bij veel mensen existentiële thema’s spelen. Er is angst, onzekerheid en de grond schudt onder onze voeten. We hebben ons opnieuw te verhouden tot wat er is, met onszelf, met de ander en de buitenwereld. En daar kunnen we maar beter even de tijd voor nemen.

Ze wijst ook naar uitspraken van André Kuipers, onze astronaut die vanuit langdurige ervaring met relatieve isolatie spreekt. Het belang van contact, echt contact, luisteren en een teamgevoel is in zo’n situarte van belang voor ons welzijn. En hij wijst op de betekenis van ons eigen innerlijk voeden, onder meer door te gaan schrijven. Over wat je meemaakt, wat er door je heen gaat, je gevoelens, je gedachten, je dromen, je fantasie.

Ik denk aan de voorbije maanden en dagen, over de momenten dat ik ook achter de computer ging zitten en twee uur lang mijn poorten openzetten. En hoe heerlijk, ja bevrijdend, dat was en is om vrijuit – in mijn geval via geschreven woorden  - te stromen. Ik deelde dat gevoel onder meer met Anita – een vriendin van mij - die me zei dat zij iets dergelijks voelt als ze berichten inspreekt op de app. Lange berichten. Ik weet wat ze bedoelt. De verhalen delen die van binnenuit ontstaan, in the moment, door te luisteren naar wat er is.

Deze ochtend zet ik mezelf in dat opzicht weer even stil. Ik voel dat het een dun lijntje is waarop we balanceren. Teveel met de buitenwereld bezig zijn, indirect, zorgt ervoor dat ik het contact met mezelf kwijtraak. Ik zie me gisteravond, om acht uur, plots in het donker terug. Alleen het licht van het beeldscherm was er nog. En ik besefte dat ik me in iets had verlore. In dit geval het maken van een podcast en teksten waarvan ik vond dat ze ‘af’ moesten. Het was een momentje van bewustzijn. Van reflectie. Het gebeurde. Maar klopt dit nog?

Wat was ik op dat moment gewaar, maar vooral ook wat niet meer? Waar was mijn lijf?  Het is de vraag die ik mezelf nu kan stellen. Waardoor ik weer een keuze heb.

De voorbije dagen kwam ik in een rush terecht. Een adrenalinerush. Er waren zoveel haakjes, losse touwtjes en bewegingen in en om me heen ontstaan, dat ik eindeloos kon doorgaan. Dat ik wat rusteloosheid voelde. Wat zeggen we dan: ja, er is altijd wel wat te doen. Maar – eenmaal iets verder in de tijd – bedacht ik me ook of dat wat ik deed wel datgene moest zijn. Waar ben ik zelf in het gebeuren?

Ik heb tussendoor gelezen in het boek van Edith Eger, De keuze. Leven in vrijheid. Dat waren mijn rustmomentjes waarop ik weer zakte. En ik heb voor haar woorden zoveel dankbaarheid gevoeld. Een verstoord leven ook, zoals het dagboek van Etty Hillesum heet. Niet toevallig ook vanuit haar ervaringen in oorlogstijd en het vernietigingskamp. Maar waarvan ik nu besef – een onderbroken leven hebben we allemaal. Compassie, liefde en verbondenheid is wat er door vrij kan komen, de voorbode van een nieuwe tijd?

In het boek van Heger ben ik gaan strepen, onderstrepen. Als of ik me daarmee haar woorden en het verhaal en het leven waaraan ze zijn ontsproten – beter kon herinneren. Kennis dat aan je eigen lijf is onttrokken, hoor ik nu Mauk Pieper zeggen, een ander teacher in mijn leven, in de trajecten die ik tussen 2012 en 2014 bij Venwoude heb gevolgd. Ik zie me weer met elkaar in een klein groepje staan, tijdens die trainingen, waarin we worden uitgenodigd om elkaar te vertellen wat we ‘ontdekt’ hebben. Wat ik ontdekt heb. Ik vertel en de anderen zeggen vervolgens of ze me geloven. Van waaruit spreek je, vanuit je hoofd, om te overtuigen - of vanuit je hele wezen?

Ik zie Marnix Lamers – mijn getuige bij het huwelijk met Lotte, in 2009 - voor me. Hij spreekt in een Youtube-filmpje dat wel 23 minuten duurt en gaat helemaal los over deze spannende, intense maar ook  veelbelovende tijd, over de quantum shift. Hij deelt zijn prophecies, zet zijn licht erop en staat in vuur en vlam. ‘Als ik wil kan ik er met jullie dagen over spreken,’ zegt-ie. Dat is mooi. Zeker, zoals ik hem per app teruggeef, als je ruimte laat voor de ander, voor zijn verhaal, dat je blijft luisteren en dat je compassie voelt voor alles wat leeft, dat je met liefde en vanuit verbondenheid de wereld tegemoet treedt. Dan komt alles naar het licht.

Want er is geraaktheid, ook bij mij. Als ik vertel over het tumult dat ontstaat n.a.v. een tweet van Peter R. De Vries. Hij wordt online gekielhaald, weggezet en de mond gesnoerd wanneer hij een vergelijking trekt met andere gezondheidskwesties en zich afvraagt waarom dit virus ervoor kan zorgen dat alle systemen over de hele wereld worden stilgezet. Dat hij dat nog niet goed begrijpt. Marli Huijer – de voormalig Denker des vaderlands – biedt een paar dagen latereen duiding en refereert aan onze moeilijke verhouding met de dood (en dus ook met leven, eg ik dan). De tragiek van het leven is iets wat we maar moeilijk accepteren. Ook in deze pandemie-kwestie vertonen we gedrag dat vooral uitgaat van het kwaad dat onder controle gebracht moeten worden, van een maakbaarheidsgedachte en minder van een unmeasurable reality waar we toch ook deel van zijn. We laten ons door cijfers leiden, én bedreigen.

Het filmpje van Charles Eisenstein waarop Ralph me woensdag attendeerde, was voor mij zo ondersteunend, krachtig en helder. Over de illusion of progress en ‘our hungriness for unmeasarable things…’

https://www.youtube.com/watch?time_continue=485&v=d8lXTpRBj1w&feature=emb_logo

We zoeken compensatie in onze buitenwereld voor wat er in de binnenwereld ontbreekt.   Via eten, entertainment, porno, sporthelden, allemaal zaken waarmee we de leegte proberen te vullen, zeker nu we ons menselijk tekort, onze honger naar verbinding, liefde en compassie (juist ook voor onszelf) beginnen te voelen. Ja, die ken ik. Maar nu, what will be next?

Ik ben geraakt. Ook als ik aan Ralph en Stef vertel - in dat gesprek van woensdag - over Trump en zijn neiging om de economie zo snel mogelijk weer draaiende te maken, liefst half april, ondanks deze pandemie. Er zijn in de VS inmiddels 3 miljoen extra werkelozen. Wat doet dat met het welzijn en de gezondheid van mensen? Vanuit de gedachte dat het middel soms erger is dan de kwaal, kan ik me Trumps redeneringen voorstellen. Maar Ralph en Stef zijn allang afgehaakt. Zij kunnen niet naar meneer T. Luisteren, zoals hij wordt genoemd. En dus ook niet meer naar mij.

Zoals dat vaker gebeurd tussen mensen die het oneens zijn, of al teveel hebben gezien en gehoord van elkaar om nog met een open houding te zijn. Ik denk aan Peter en Lena, bij wie ik in 2017 een energetische massage opleiding volgde. Ze wezen me op het belang van telkens opnieuw kijken, opnieuw ontmoeten, kijken wat er is. Omdat je met je gedachten de toekomst beïnvloedt en de vernieuwing, de verandering, de transformatie, misschien wel blokkeert. Bovendien is het veel leuker om in een ontmoeting te stappen en nog niets van die ander weet. Dat houdt het fris, levendig en open.

Ik heb met zoveel aandacht en zin het boek van Otto Scharmer – de essentie van theorie U – herlezen. En ik wacht op de uitnodiging om mee te gaan doen aan zijn GAIA-project dat hij worldwide heeft uitgezet om onszelf en elkaar door deze veranderende tijden heen te leiden en de dingen te doen die daarin nodig zijn. Diepgaand luisteren, contact met het innerlijk, met velden voorbij het zelf, vanuit een open mind, open hart en open wil. Human presence, waarop Tolle en vele anderen nu het appel doen. Ons vanuit sensing van het moment en vanuit de toekomst laten leiden. Samen, omdat het alleen maar samen kan.

Net als Hein Duijnstee voel ik een enorme paradox. Hij stuurde me een mailtje, als antwoord op de mijne. Art is power, schreef hij me. En er zat een uitnodiging aan vast om een galerie te betreden en elkaar te ontmoeten. Dat triggerde me. Hij sprak over de afstand die er fysiek wellicht is gekomen, maar waarvan het lijkt dat deze ons dichter bij onszelf en elkaar aan het brengen is. Onze ontmoeting gaat er komen, weet ik. Zoals alle gesprekken tegenwoordig dat karakter aan het krijgen zijn. Ik luister geduldig via beeldschermen naar collega’s, zie vrienden via facetime of skype beter dan ooit en wandel met mijn zus Karin op een donderdagavond naar de Daphne Schippersbrug – het midden tussen onze woningen in Utrecht - om even een stukkie samen op te lopen. ‘Dat kunnen we vaker doen,’ zegt ze. De ander (en ikzelf) zijn dichterbij dan we nog wel eens denken.

Roos heeft me in deze zojuist even onderbroken. Ze is blij. Ik ook. Ik vertel haar dat ik mijn verhaal aan het tikken ben en ze zegt daarop dan wel weer op te hangen. Nee, dat wil ik natuurlijk niet. Ik laat me graag even onderbreken. Doordat ze ziek is geworden, stevig, hebben we elkaar eigenlijk al bijna een week niet meer opgezocht. Uit voorzorg. Maar ik merk dat ze me nabij is. En ik haar. En dat dat zo fijn is. Onze laatste avond – vorige week donderdag – hadden we een mooi gesprek.  Waarom? Omdat ik kon luisteren, bij haar kon zijn. En omdat zij luisterde en ze bij mij wilde zijn.

In die ruimte was er verdriet, vreugde, inzicht, diepgang en ontmoeting. Liefde. Ik besef dat we dat eigenlijk steeds beter doen, samen. En ik bedank haar voor de voorbij jaren, voor haar beschikbaarheid en aanwezigheid in die ruimte. En ik bedank ook great spirit. Ja, zo noem ik het nu maar. Omdat het groter is dan mezelf. Omdat het voorbij mezelf gaat. Omdat niet het zelf uitgangspunt dan is, maar het appel van de ander, de verbondenheid.

‘Als een kind niet gelukkig is, is niemand gelukkig,’ zei de Japanse leraar Toshiro Kanamori over de klas in de documentaire Children Full of Life. In 2012 trokken we tien dagen met hem door Nederland en liet hij me zien waar liefde en verbondenheid, authenticiteit, in het hier en nu zijn, toe kan leiden. Op een podium, in kleiner gezelschap, met kinderen. Kanamori was 66 jaar. Op 1 maart jl. Kregen we het bericht dat hij was overleden aan kanker, net voor deze crisis.

We gaan op weg naar Pasen, 12 april, een mooi verlossingsfeest.

Ahoo,

Rob

10.57 uur

 

Deel Raakvlak...Share on Google+Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on TumblrShare on Facebook

No Comments Yet.

Leave a comment